Werken aan duurzame inzetbaarheid in een ziekenhuis begint vaak met bewustwording bij medewerkers. Om daar een flinke steen aan bij te dragen is de ondernemingsraad van het Deventer Ziekenhuis tijdens een ‘pop-up’ zelf de vloer op gegaan om actief gesprekken te voeren met medewerkers. En dat heeft flink wat inkijkjes, inzichten én goede gesprekken opgeleverd. Mede dankzij de M&M’s en muntthee.
In de aanloop kunnen medewerkers van het Deventer Ziekenhuis er al niet omheen: overal hangen aankondigingen van de komende ‘pop-up’. Met de mededeling: ‘We spreken je op 18 november’. Op de dag zelf staan leden van de ondernemingsraad (OR) de collega’s in alle vroegte op te wachten bij de entree. Iedereen krijgt een kaartje mee met ‘Wat leuk dat je er bent, we spreken elkaar nog’. Verder liggen er door het hele ziekenhuis stapels ‘zelfzorg-bingokaarten’, kaarten met een QR-code voor een digitale vragenlijst over vitaliteit en staan er vlaggen met daarop groot de vraag ‘Hoe is ‘t?’
Focus op werkgeluk en duurzame inzetbaarheid
Twee OR-leden die medewerkers die ochtend verwelkomen met een kaartje, zijn Ellis Wanschers, recovery-verpleegkundige op de OK en Marco Weijers, obductiemedewerker in het mortuarium van het ziekenhuis. De pop-up is een hele nieuwe ervaring, want het is de eerste keer dat de OR van het Deventer Ziekenhuis zoiets doet.
De OR zocht naar manieren om de thema’s werkgeluk en duurzame inzetbaarheid meer aandacht te geven. Op staz.dialoogoverdi.nl kwam een OR-lid voorbeelden tegen van pop-ups bij de ziekenhuizen Nij Smellinghe in Drachten en het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam. De OR neemt contact op, en die ziekenhuizen blijken heel enthousiast. En dus zet de OR met hulp van de StAZ en Qidos ook een eigen pop-up op touw. Ellis: “Ons doel was: mensen zien, mensen horen, en dat we zelf gehoord en gezien worden als OR.”

IJsbrekers voor een goed gesprek
Als de kaartjes zijn uitgedeeld is er een gezamenlijk kick-off met tips over hoe je op een goede manier een goed gesprek start. “En een beetje angst wegnemen”, zegt Marco, die normaliter toch ook veel tijd doorbrengt binnen de muren van het mortuarium. “Je moet collega’s gaan aanspreken, die je anders nooit spreekt, dat kan een drempel zijn. Ik had zelf ook wat twijfel: krijg je wel een reactie, word je niet afgekapt? Maar het pakte hartstikke goed uit. Zolang je maar de tijd neemt en oprecht geïnteresseerd bent.”
Na de kick-off is het een kwestie van ‘het huis in’ en gesprekken gaan voeren. Maar niet met lege handen. De OR-leden en de twee gesprekscoaches die de dag mede begeleiden hebben meerdere ijsbrekers achter de hand om laagdrempelig het gesprek aan te gaan. Bijvoorbeeld een M&M-schietmachientje: een medewerker schiet een M&M omhoog en moet die snel uit de lucht happen. En uiteraard is er een kar met koffie en thee. Muntthee, om precies te zijn, die een collega die ochtend nog expres is gaan halen. “Dat bleek echt een schot in de roos”, zegt Ellis. “Blijkbaar zijn er héél veel mensen gek op muntthee.”
Even in de ‘zen-stand’ zetten
Dat deze ludieke drempelverlagers heel goed werken om een gesprek op gang te brengen, hebben de twee OR-leden gemerkt. Marco: “Je moet iets hebben waardoor je medewerkers kunt ‘vangen’. Mensen zijn drukdrukdruk, en vliegen weer weg voor je ze iets kunt vragen. Maar als je ze alleen al een kop koffie of thee kunt aanbieden, dan komen ze even in een zen-stand. En terwijl je inschenkt, begin je een praatje en ontstaat er ruimte voor een echt gesprek. Dan blijkt: geen vraag is te gek, dat heb ik wel gemerkt. Het is heel leuk en leerzaam om te doen.”
“Het is fijn dat je echt een inkijkje krijgt in hoe de collega’s aan het werk zijn op de afdeling, over bijvoorbeeld waar de druk zit en waar zij praktisch tegenaan lopen”, zegt Ellis. Een veelgehoorde reactie is dat medewerkers hun collega’s enorm belangrijk vinden en dat medewerkers over het algemeen positief zijn over het werk. Maar zorgen zijn er ook, en die kan de OR ook weer terugkoppelen in het overleg met de raad van bestuur.

Pop-up is voor herhaling vatbaar
De pop-up heeft de OR dan ook veel opgeleverd. Op de vraag of het voor herhaling vatbaar is, klinkt het dan ook resoluut ‘absoluut!’ “Als OR hebben we al verschillende dingen geprobeerd om mensen te spreken, zoals lunchsessies”, zegt Marco. “Maar dan komen medewerkers voor een broodje en zijn ze weer weg. Dan heb je de mensen die je wil spreken nog niet gesproken. Nu wel. Je bereikt gewoon heel veel mensen. Daar kunnen we mee verder: dat kunnen we misschien ook voor andere specifieke thema’s inzetten.”
Een verhaal dat Ellis is bijgebleven zijn de collega’s op het lab die allemaal een eigen kleur glitterpen hadden gekregen van de leidinggevende. “Die heeft de leidinggevende ons speciaal gegeven om ons te laten shinen, zeiden ze. Dus wij naar die leidinggevende: mogen we jou een kop thee aanbieden, want we horen zo’n leuk compliment over jou. Zo verbind je collega’s ook weer.”
Tal van initiatieven in het Deventer Ziekenhuis
Naast de pop-up haakt de OR ook op andere manieren aan bij de initiatieven binnen het Deventer Ziekenhuis. Zo zijn er Fit-gesprekken over duurzame inzetbaarheid, waarvoor de medewerker het initiatief neemt. Ook zijn er Fit in je werk-scans voor individuele medewerkers en voor teams. In die scans staan vragen over werkgeluk en belastbaarheid, en over wat medewerkers nodig hebben om fijner hun werk te kunnen doen.
Verder heeft de OR de kaartensets van de StAZ met vragen over onder meer werkgeluk en gezondheid ‘massaal laten aanrukken’, zegt Marco. “En we brengen die ook weer onder de aandacht tijdens onze koffiemomenten met afdelingsmanagers. Eén van de pijlers van de visie van de raad van bestuur is ook ‘de werknemer op één’. Daar herinneren we hen natuurlijk steeds aan als OR.”
Bewuster nadenken over werkgeluk
Als Ellis en Marco hun OR-pet even afzetten, zijn ze dan zelf de afgelopen tijd ook anders gaan nadenken over duurzame inzetbaarheid en werkgeluk? “Ik niet, ik heb een supermooie job in het mortuarium”, zegt Marco met een glimlach. “Wij krijgen ook goede ondersteuning om het mentaal vol te houden. Wel voeren we binnen ons kleine team van drie man gesprekken over hoe je nieuwe collega’s goed begeleidt.”
Ellis merkt dat ze bewuster nadenkt over deze thema’s. “In gesprekken met bijvoorbeeld collega’s stel ik andere vragen. Eerder iets als ‘wat zou je nu nodig hebben, wat mis je, wat zou je het liefste willen doen’. In plaats van: kun je niet dit gaan doen. Die neiging had ik eerder nog wel eens, om direct oplossingen voor iemand te gaan bedenken. Maar deze manier is veel fijner, je komt veel beter in gesprek.”
“Een pop-up: niet te veel twijfelen, ga het gewoon doen”, zegt Marco. “Maar bereid het wel goed voor. Bedenk niet: we gaan het volgende week doen, want dat werkt niet. En zoek begeleiding op zoals wij die van StAZ en Qidos hebben gekregen, want als OR hadden we dit nooit alleen voor elkaar gekregen. Nu hadden we een geweldig team naast ons staan. Met een bak ervaring en leuke ideeën helpen ze je echt op weg.”
Zorg ervoor dat je zichtbaar en herkenbaar bent. Dus bijvoorbeeld met dezelfde t-shirts aan. “Anders zwerf je rond als losse groep en val je niet op”, zegt Ellis. “Nu waren we overal herkenbaar en merkte het hele ziekenhuis: hier is iets aan de hand.”
Neem iets ludieks mee en zorg dat medewerkers even blijven ‘plakken’, zodat er echt ruimte ontstaat voor een goed gesprek.
Tot slot: zorg dat je op de dag van de pop-up geen andere afspraken hebt. Marco: “Wij hadden deze keer nog een paar overleggen en dat maakt zo’n dag onnodig rommelig.”